Stalnaam onder de loep: ‘Van de Olijftak’

Nick van de Olijftak Ster AAA (Uldrik 457 x Fabe 348)

Wist je dat er bij het KFPS 630 stalnamen geregistreerd zijn? Sommige bestaan al vele generaties, andere zijn net aangevraagd. Phryso duikt de komende dagen in het hoe en waarom van een aantal stalnamen. We trappen af met ‘van de Olijftak’. Waar komt deze exotische naam vandaan en wie zit erachter?

Magda van Schaijk uit Bodegraven (Zuid-Holland) is degene die ons alles over de ‘van de Olijftak’-fokkerij kan vertellen. ‘Toen ik zo’n 25 jaar geleden begon met de fokkerij van Friese paarden, lag de naam ‘van de Olijftak’ voor de hand, omdat onze boerderij zo heet. Deze is al meer dan honderd jaar oud en al heel generaties lang in onze familie. Mijn vader heeft hier geboerd tot hij twee jaar geleden overleed.’

Dressuur

Rosa van de L

Zijzelf heeft vroeger pony’s gehad en later KWPN-paarden. ‘Nadat ik mijn ex-man had leren kennen, deed het eerste Friese paard zijn intrede. Hij wilde namelijk mennen, en de veelzijdigheid van het Friese paard sprak ons aan. Zo kon ik dressuur blijven rijden, en hij kon gaan mennen.’ Van dat laatste is het nooit gekomen, maar de zwarte parel stal wel Magda’s hart. ‘Ik reed vooral dressuur, en daarin deden mijn Friese paarden niet onder voor de KWPN’ers. Als je bij A binnenkwam, dan zat iedereen, ook de jury’, op het puntje van de stoel.’

Eerste fokmerrie Rosa van de L

Rosa van de L (Wicher 334 x Melle 311) was de Friese merrie waar de fokkerij in Bodegraven mee begon, eind vorige eeuw. ‘Ze was een heel mooi paard, dat dan ook Ster met een 1e premie werd op de fokdag in Kootwijk. Op de CK liep ze mee in de ring voor model, maar werd dat net niet. Ik reed haar tot en met de M2.’

Floortje van de Olijftak

Rosa bracht bij Magda twee Ster-nakomelingen: Floortje van de Olijftak (2001, v. Anne 340) en Karst van de Olijftak (2003, v. Time 398), die later naar de VS verkocht werd. Floortje van de Olijftak werd verkocht naar Frankrijk, maar is inmiddels terug in Nederland, waar ze met haar 19 jaar op een manege loopt. Rosa zelf werd verkocht aan Syb van der Ploeg, de zanger van De Kast, die er een merrie- en hengstveulen uit fokte met als stalnaam ‘fan d’Nije Dei’.

Tweede fokmerrie Sientje van het Spoorzicht

Sientje van het Spoorzicht

Magda fokte ook met Sientje van het Spoorzicht (Fabe 348 x Jakob 302), die elf nakomelingen op de wereld zette. ‘Zij bracht onder andere de hengst Nick van de Olijftak (Ster AAA), die in 2016 dicht bij een dekbrevet was. ‘Helaas had hij tijdens het examen last van zijn rug en liet hij zich niet goed zien. Jammer, want het was een plaatje van een hengst’, aldus Magda.

Nick van de Olijftak

Het rapport vermeldde: ‘Nick van de Olijftak is een zeer fraaitypische Uldrik 457-zoon die in de AFBP reeds een score van 84 (rijproef) en 81,5 punten (aangespannen proef) behaalde. In de moederlijn vinden we een stermerrie van Fabe 348, een stamboek preferente merrie van Jakob 302 en vervolgens stermerries van Wypke 277 en Meine 230. Een moederlijn met een ‘outcross’ bloedvoering dus. Nick werd verkocht naar de VS, waar zijn nieuwe eigenaresse hem uitbrengt in de ‘open klasse’.

Een andere opvallende nazaat van Lieke van de Olijftak (2010, v. Sjerp 446); zij behaalde het Sportpredicaat. Het voorlaatste veulen van Sientje, Luc van de Olijftak (2019, v. Tiede 501), is door Ingeborg Klooster aangekocht voor de sport.

Geen geluk

Naast haar twee oudere fokmerries heeft Magda nog een 9-jarige Beart 411-ruin. ‘Een heel talentvol paard, zo’n goeie heb ik nog nooit gereden! Ondanks dat hij toen ik hem kocht als driejarige ‘kuikenmak’ zou zijn, is het een ontzettend ritselig paard. Ik zou hem, net als eerdere jonge Friese hengsten die ik gehad heb, naar het Z2 rijden, maar deze was wilder dan de meest sensibele KWPN’er die ik ooit gereden heb. Ik heb er een keer een flink ongeluk mee gehad en durf hem eigenlijk niet te verkopen.’

Karakter

Magda vindt dat het KFPS het karakter van het ‘betrouwbare’ Friese paard in acht moet nemen. ‘Het Friese paard staat bekend om haar fijne, meewerkende karakter. Laten we vooral uitkijken dat dat zo blijft en dat we niet de kant van het KWPN op gaat. Er zijn op de wereld meer middelmatige ruiters die gewoon fijn willen rijden dan professionele dressuurruiters.’

Einde fokkerij

De Olijftak-fokkerij zal aan deze visie waarschijnlijk niet meer bijdragen. ‘Ik heb niet eccht geluk gehad met opfokbedrijven en heb droes, rhino en twee keer verwaarlozing meegemaakt. Waarschijnlijk is het laatste ‘Olijftak’ veulen vorig jaar geboren. Dit merrietje werd verkocht. Hoewel Sientje een heel lage verwantschap heeft, en daardoor heel interessant is om mee te fokken, gaat dat niet meer gebeuren. Ze wordt negentien, en haar laatste veulen is via een keizersnee ter wereld gekomen. Ik ga het risico niet meer nemen.’ (cd)

Meer over stalnamen vind je op https://kfps.nl/reglementen-voorwaarden/registratiereglement/, artikel 21.

Vorig artikelOpwarmen voor de HK met een terugblik naar 2023: bekijk hier de (Engelse en Duitse) workshops met lezingen
Volgend artikelRapporten Elias 494, Tjebbe 500, Matthys 504 en Teun 505 op de website